U bevindt zich hier:

Een wedstrijd Kings

Klasses

Een jaarbudget

Belangrijke contacten

FAQ

Algemeen:

Startpagina

Wat is een Prokart?
Een Prokart is een type kart, aangedreven door 2 Honda GX160 motoren, met bij elkaar zo’n 15 pk. Veelal worden deze gebruikt voor langeafstandsraces. De tuningsmogelijkheden zijn streng gereguleerd, waardoor de kosten strak in de hand worden gehouden. Met deze karts worden langeafstandsraces van 6 tot 24 uur gereden, in tegenstelling tot de meeste sprintklasses, waarin een race meestal uit 3 heats van zo’n 20 minuten bestaat.

Maar is dat niet langzaam dan?
Een schakelkart haalt op sommige circuits 160km/h, bij een Prokart houdt het inderdaad bij 110km/h wel op. Maar je zit heel laag bij de grond en de sensatie van snelheid is enorm groot. Ook rijden de andere rijders met hetzelfde materiaal, dus relatief gezien maakt het niet uit. Tel daarbij op dat de startvelden in de Kings of Karting voor NK-begrippen groot zijn, dus er is altijd wel iemand te vinden waar je op de baan het gevecht mee aan moet gaan.

Maar waarom rijden ze dan niet gewoon met snellere motoren?
Vooral vanwege de betrouwbaarheid en het kostenaspect. Veel getunede kartmotoren zitten kwa specifiek vermogen (pk’s per liter) bij of over de waarde van een moderne formule1 auto, het zal dan ook niemand verbazen dat dat niet lang heel blijft, meestal is het blok na 10 uur alweer toe aan een kleine of grotere revisie. Bij de motoren die op de Prokarts worden gebruikt is dit niet het geval, ze hebben meer slagvolume, je hebt er 2 en ze leveren minder vermogen. Daardoor is het in principe mogelijk om een heel seizoen zonder ingewikkeld onderhoud te doen, alleen de olie verversen en af en toe de klepveren vervangen (wat door elke beginnend sleutelaar te doen is, na enige uitleg van een expert) is voldoende. Ook 24uurs wedstrijden worden gewoon zonder enig onderhoud aan de motoren uitgereden, met vrijwel elke andere kart zou dit ondenkbaar zijn.

Er rijden zeker alleen maar amateurs in die klasse dan?
Het is inderdaad een klasse waarin veel amateurs rijden, Prokarten is immers de goedkoopste manier om outdoor autosport te kunnen bedrijven. Toch is het deelnemersveld sterk, met namen als Senna Koolen, Mike Koene, Job van Steijn, mannen die toch in het nationale en internationale kartveld hun sporen hebben verdiend. Maar ook Simon Knap en Rogier Jongejans, die in 2008 overtuigend de plaatsen 1 en 2 in het Formule Ford kampioenschap hebben veroverd, hebben een aantal seizoenen in de Kings of Karting meegereden als onderdeel van hun, vooralsnog succesvolle, weg naar boven in de nationale en later hopelijk internationale autosport. Het mag dan ook worden gesteld dat het niveau in de top hoog is.

Maar wat heb ik daar als beginner te zoeken dan?
Juist als beginner is dit een ideale klasse, doordat het budget laag is, het materiaal is voor iedereen gelijkwaardig en je rijdt enorm veel in vergelijking tot andere klasses. Ook is iedereen bereid om je tips aan de hand te doen waar je weer sneller van wordt. Zo kan je je langzaam vanuit het veld opwerken naar voren toe. Eerst kan je je in de Pro-klasse bewijzen als talentvol team en met andere beginnende teams onderling om de bekers strijden, als je team uiteindelijk wat meer ervaring heeft kan je het tegen de grote jongens opnemen in de SuperPro-klasse. Dit zijn technisch dezelfde karts, alleen hebben de teams en de rijders meer ervaring. Valt er in de Pro-klasse nog weleens iemand uit met materiaalpech, bij de SuperPro’s gebeurt dit vrij zelden, net zoals fouten in de strategie. Hier komt het dus nog meer op de snelheid aan. In het verleden is al diverse malen gebleken dat ook gastrijders uit spraakmakende autosportklasses zich hier flink op stuk kunnen bijten, spanning verzekerd dus!

Wat is het verschil dan met andere klasses?
Naast de voor de hand liggende technische verschillen en de langere raceafstanden, is het vooral ook de gelijkheid van het materiaal wat het leuk maakt. Bij veel internationale klasses moet je eigenlijk wel in een fabrieksteam zitten om aanspraak te kunnen maken op het beste materiaal, goede vriendjes met de motorenbouwer zijn wil ook vaak wel helpen en uiteraard moet pappa een dikke bankrekening hebben. Voor het echt mooie spul moet je vaak gewoon heel veel meer betalen en net dat kleine beetje geluk hebben dat mensen jou dat gunnen, maak vaak krijg je het als privateer gewoon niet. Bij Prokarten is dat niet zo, iedereen kan over hetzelfde materiaal beschikken en excessief dure motoren of andere materialen zijn er niet. De kansen zijn dus voor iedereen gelijk. Uiteraard worden er elke race willekeurig mensen geselecteerd die hun motoren voor een technische nacontrole moeten aanbieden, maar daarnaast kijkt de wedstrijdleiding ook tijdens de race welke kart twijfelachtig hard gaat, die moet dan ook zijn motoren laten controleren. Zo blijft de klasse leuk en betaalbaar voor iedereen.

Maar ik kan helemaal niet sleutelen!
Onzin, iedereen kan sleutelen, als je maar wilt. Een kart blijft uiteindelijk een tuinhek met een paar motoren erop, hier een boutje, daar een moertje. Als je zelf in staat bent om je Ludde of Björn van Ikea in elkaar te zetten, zonder dat je schreufjes overhoudt, dan kan je ook aan je kart sleutelen. Met een beetje logisch nadenken kom je er altijd wel, en als je ergens niet uitkomt, dan is er altijd iemand in de buurt om even te helpen. De eerste paar keer zal het wat traag gaan, maar gaandeweg leer je je kart goed kennen en weet je precies hoe alles gaat. Dan gaat het veel sneller.

Hoeveel rijders moet ons team hebben?
Een team bestaat uit 2 tot maximaal 10 rijders. In de praktijk houdt het bij 4 tot 5 rijders wel op, aangezien je wel allemaal veel zult willen rijden en trainen, ga je met meer mensen rijden, dan wordt het voor veel beginners vaak lastig om in het ritme te komen. Voor beginnende rijders is het ook niet aan te raden om met z’n tweetjes te starten, daarvoor is het gewoon te vermoeiend.
Daarnaast is het mooie dat je de kosten over meer mensen kunt verdelen, dus dit zal voor de meeste mensen ook een deel van de afweging zijn om met meer rijders te gaan rijden.

Ik vind mezelf behoorlijk goed rijden, met indoorkarten win ik bijna altijd, maar ik ken geen mensen die net zo goed zijn om een team mee te kunnen vormen?
Dat hoeft geen probleem te zijn, het belangrijkste is in eerste instantie dat je voldoende tijd hebt om te sleutelen, de motivatie om te winnen en dat je goed van elkaar weet wat de ambities zijn. Zelf zul je waarschijnlijk ook nog een hoop moeten leren om een race te kunnen winnen, maar uiteindelijk zul je het samen moeten doen. Niet is leuker dan elke race te zien dat jullie team weer vooruitgang heeft geboekt. Winnen moet je de eerste tijd toch niet willen, daarvoor zijn er voor elke beginner gewoon teveel valkuilen.
Als je teammaatjes wel talent en ambitie hebben, maar gewoon net wat weinig ervaring, dan is dat in de Kings redelijk snel bijgespijkerd. Belangrijker is gewoon dat het onderling klikt en dat je weet wat je aan elkaar hebt, de overwinningen komen dan vanzelf wel.

Moeten we gelijk een nieuwe kart kopen?
Tenzij je al jarenlang ervaring in een andere outdoorklasse hebt, zal de kart de eerste tijd niet de beperkende factor zijn bij het behalen van de winst, dat zijn de rijders zelf. Daarnaast kan een Prokart in tegenstelling tot frames uit veel andere klasses meer dan 1 jaar competitief meedoen, een aantal merken uitgezonderd. Het chassis is veel steviger gebouwd om te voorkomen dat materiaalpech tot onnodig uitvallen leidt. Wel is het zaak om zeker te zijn dat het frame recht is, dus een willekeurige kart bij een particulier kopen is niet altijd een goed idee. Laat de kart dus liefst nakijken op een richttafel voordat je tot aankoop overgaat, of koop de kart direct bij een gerenommeerde (Prokart)dealer. Ook zijn er altijd wel diverse teams uit de Kings die een kart uit een voorgaand jaar te koop hebben.
Het is dus zeker niet nodig om gelijk een nieuwe kart te kopen, zie het eerste jaar als een leerjaar en koop liever in het volgende seizoen een nieuwe kart, dan haal je er veel meer uit en krijg je dus ook meer waar voor je geld.

Bij wie moeten we zijn voor onze kart?

Bij elke leverancier die zich speciaal op Prokarten heeft toegelegd kan je goed terecht, zij weten welke merken het goed doen, hoe ze afgesteld moeten worden om competitief te rijden en kunnen je met advies en onderdelen terzijde staan. Verzeker jezelf ervan dat je ook tijdens een raceweekend voldoende support hebt in de zin van onderdelen, niets is vervelender dan veel te moeten verbouwen omdat net dat onderdeel voor jouw kart bij niemand op de baan te krijgen is. Merken die op dit moment groot in de Kings vertegenwoordigd zijn zijn: Energy, Koene Kart, Kombikart & MS Kart.

En de motoren?
De meeste leveranciers kunnen je ook van motoren voorzien. Het onderhoud kan je gewoon zelf doen, binnen het rijdersveld zijn er voldoende kundige mensen beschikbaar die in een avondje kunnen laten zien waar je op moet letten en wat je allemaal moet doen als dit wilt doen.

Dus als ik met m’n kartje op de baan kom mag ik zo rijden?
Nee dat ook weer niet, ze willen natuurlijk wel zeker weten dat je niks mankeert. Daarom organiseert de KNAF elk jaar de zogenaamde licentiedagen, waarop je medisch gekeurd wordt en je kartlicentie kunt halen. Dit kost bij elkaar €130 voor het hele jaar.

Wat heb ik verder nog nodig?
Goed gereedschap is het halve werk, zeker als je in de pitstraat staat te sleutelen wil je niet onnodig tijd verliezen doordat je gereedschap eigenlijk niet goed werkt. In het begin is het huismerk van de Gamma nog leuk, maar zodra het budget het toelaat, moet je toch echt investeren in het duurdere merkgereedschap. Als het goed is gaat dit je hele kartcarrière mee, dus uiteindelijk betaalt het zich altijd terug. Belangrijker is dat je veel minder bouten kapot draait, waardoor je ergerlijke situaties met bijvoorbeeld uitboren voorkomt, zonde van je tijd als je die beter kunt gebruiken om af te stellen… Heel veel heb je niet nodig, vooral inbussen, wat steek en ringsleutels, een hamer, wat schroevendraaiers, dan heb je het belangrijkste wel gehad.
Denk verder nog aan zaken als een transponder voor de tijdwaarneming, een laptimer om je rondetijden op je stuurtje te kunnen volgen, uitlijnschijven voor de sporing en je eigen rijdersuitrusting.
Natuurlijk heb je nog vervoer naar de baan nodig, een busje of aanhanger is dan ook onontbeerlijk. En een stalling of schuurtje waar je ongestoord aan de kart kunt sleutelen, of een hele lieve vriendin die het echt niet erg vindt dat jij je motorblok op het aanrecht van nieuwe olie voorziet en je achteras in de woonkamer van alle vuil ontdoet. Helaas kennen wij die laatste nog niet.